zaterdag 24 augustus 2019

Dag 13, 22-08-2019, van Laval naar Pruillé, 85km


Route; Laval – Originé – Daon – Le Lion d’Angers – Pruillé.

Op een paar kilometer na omdat we de stad uit moeten komen en omdat we in Le Lion d’Angers een boodschap doen, zijn alle kilometers over een verhard gravelpad langs de rivier.
Vandaag is de derde dag dat we geen regen hebben, de eerste dag dat we geen wind tegen hebben en de eerste dag dat de dag warm genoeg begint en ik niet start met fietsen met handschoenen aan.
De temperatuur is echt aangenaam, warm zelfs voor Rob, en de verwachting is nog beter. Er wordt nu gesproken over 35 graden voor de komende dagen. Hier moet ik denk ik Patrick uit Tilburg bedanken, hij is vorige week met de kou die we hadden gaan duimen voor beter weer. Ik weet niet hoeveel rozenkransjes hij door zijn vingers heeft laten gaan maar het gevolg is prima.

 Uitzichten van vandaag:  




 We zien meerdere van deze bankjes staan langs de route. Zijn van steen.



 










Een van de bruggen waar we overheen fietsen, in dit geval ik en Rob die de foto maak













 Aangekomen op de camping municipal treffen we een buslading kinderen aan, of nou zo ervaar ik het geluid na een dag rust op de fiets. De leiding blijkt de groep goed in het gareel te hebben dus geen problemen bij douche / toilet / op de camping. Het lawaai of moet ik zeggen geluid van een grote groep kids zingend (klinkt als een echt kamp, leuk) blijft nog tot laat.


Een Fransman met hetzelfde rappe Frans als dat ik gisteren al noemde spreekt Rob aan over de fietsen. Het blijkt dat hij zelf ook een ligfiets heeft, een trike (drie wielen) met omhulsel. De man vertelt over zijn ervaringen, is enthousiast en is benieuwd naar wat wij doen.  

Dag 12: 21-08-2019, Domfront – Laval, 100km


Blog van gisteren aangevuld met een eerbetoon.

Route van Domfront – Mayenne – Laval

Ongeveer 5km na Domfront fietsen we een paar kilometer over een wat glooiend en van hoogte wisselend boerenlandschap. Verder fietsen we de eerste ongeveer 3/5 van de afstand op een treintracé en in een haag van bomen waarbij bij ieder kruispunt een mooi bordje staat ter waarschuwing







 In Mayenne halen we lunch, kruisen we de fietsers die de route Paris-Brest-Paris doen en pikken we de rivier la Mayenne op. Die fietsers maken echt een monstertocht, leuk om te zien in het dorp dat er meerdere mensen klaar zitten om te klappen en grappig dat ze ook voor ons klappen terwijl duidelijk is dat wij er niet bij horen. We kijken even en op dat moment komt een ‘omhulde ligfietser’ (‘een banaan’) langs. Blijkt een Amerikaan te zijn die zijn eigen speldjes gemaakt heeft en uitdeelt, mijn fietstasje draagt er nu een.
En toen ineens brak de wereld bijna open en waren we bij Ecluse Grenoux. Niet dat we dat vooraf kenden maar dat was de naam van deze sluis. Wat je op de foto ziet is iets wat vroeger een molen was, nu is het een leeg omhulsel. Links van het huis kunnen de boten door de sluis. Rechts van het huis heeft het water een verval van ongeveer 1,5 meter.



 Hierna volgden meer ecluses. Bij een hebben we een tijdje op de bataux (aanlegsteiger voor boten) gezeten en gekeken naar drie libellen waarvan er twee elkaar achterna zaten. Ik heb geprobeerd een mooie foto te maken maar de libellen waren, ook met een verleidingsdans van Rob, niet bereid stil te zitten en te poseren.  



 In Laval zijn we eerst gaan shoppen in een decathlon omdat de fietsbroek van Rob het dreigt te begeven (zul je zien dat de broek nu hij een reserve heeft gewoon heel blijft).
Bij de supermarkt stopt een fietser naast ons, vraagt hoe het gaat en na een Franse reactie van rob ratelt deze man er op los. Het gaat in een tempo en met een accent … ik kan er geen wijs uit. Het is een versie van het Frans dat we hier meer horen.
Toen door de stad naar de camping. En weer een pareltje, dit keer aan het einde van een woonwijk. Niet alleen een vriendelijk welkom van de gardien maar ook van salamanders, in diverse kleuren en maten.



Als campinggast kan ik naar het zwembad, een mooi bad waar maar twee mensen in liggen. Ik heb genoten van nog een half uur baantjes trekken terwijl Rob de krant ging lezen (denk ik).
Na een lekker maaltje het bed in en lijf laten bijkomen met het geluid van een uil in de boom, voor de nieuwe dag begint.

dinsdag 20 augustus 2019

Dag 11: 20-08-2019, Domfrontt – Domfront.


Wat een dag: de zon schijnt, voor de tweede dag geen regen, de fietskleding is gewassen en droog geworden (voor het eerst tijdens deze trip). Lunch bestaat uit stokbrood met Franse kaas en tomaat, een gekookt ei met twee dooiers, jus d’orange later gevolgd door een meloen. Uit het aanbod van mijn e-reader die ik toch wel zie als een soort snoepwinkel maar dan met boeken heb ik een nieuw boek gekozen en ik heb de tijd om te schrijven aan een nieuw blog. Rob leest, knutselt wat zonder geloof ik werkelijk wat te doen, is creatief met zijn was ophangen en later hersteld hij mijn camera want ik heb het weer voor elkaar gekregen om de instellingen te veranderen waardoor ik alleen nog filmpjes opneem.
Toefje op dit alles is drop. Na ruim 10 dagen niets van dit zwarte goud smaken de ronde dropveters heerlijk.




Deze camping ligt duidelijk aan een fietsroute. Zowel gisteren als vandaag komen meerdere fietsers aan. Opvallend vind ik toch wel dat de meeste fietsers na een dag (alleen) fietsen geen contact zoeken maar alleen of als ze met twee zijn met twee gaan eten - slapen - opstaan - en met twee of alleen weer vertrekken zonder met iemand te kletsen. De enkeling die wel wil delen heeft leuke verhalen en wil verhalen horen. Iedere keer leuk.

Op deze plek toch ook even een soort eerbetoon aan de 'gardienne de la camping'. Zij doet dit al 27 jaar, iedere dag maakt zij 3x het toiletblok schoon, loopt of rijdt meerdere keren per dag over de camping en maakt dan contact met de mensen die er zijn. Zij blijkt al 10 kleinkinderen te hebben terwijl zij er uitziet alsof haar oudste net naar de middelbare school gaat. dit alles doet zij met humor en in fantastische kleding. zo had zij op de ochtend dat wij vertrokken een oranje-wit mini jurkje aan met een licht vallend vestje, sandalen met hoge kurken hakken en was zij perfect opgemaakt.
Een teken van haar humor blijkt uit de foto, een van de geplastificeerde kaartjes op de toiletten:




Dag 10: 19-08-2019, van Caumont sur Orne naar Domfort, 85km

Route loopt grofweg: Caumont sur Orne – La Lande (een gehucht) – langs Flers – Domfort.
Bij het zien van deze km is het goed te weten dat Rob en ik natuurlijk niet iedere avond zo’n net rond getal aan km afronden. Gisteren waren het 98,64km en vandaag 84.23km. Naar mijn idee smokkel ik dan niets als ik het ga afronden naar 95 en 85km.

De dag begint met kletsen met een Duits stel dat duidelijk interesse heeft in een ligfiets en verhalen over het fietsen met een tandem. De vrouw van het stel ziet wel voordelen in het tegelijk weggaan en aankomen en dat toch ieder zijn eigen kracht en energie kwijt kan. Zij hebben namelijk de ervaring dat zij overal achter hem aan fietst. Om deze reden hadden ze voor het mountainbiken al een elektrische mountainbike voor haar gekocht.
Gezien het enthousiasme en de beenlengte van de man stel ik voor dat hij eens gaat zitten op mijn fiets en kan voelen hoe het ligt. Terwijl hij zijn benen op de trappers legt hou ik de fiets vast. Zijn enthousiasme maakt (denk ik) dat hij meteen weg wil fietsen. Iets wat sowieso lastig is na 10 seconden voor het eerst op een ligfiets maar zeker als je dat probeert op hobbelig gras. Gevolg is dat hij met de fiets kantelt en het mij maar net lukt om te voorkomen dat hij geheel omvalt. Ondanks dit verdwijnt zijn enthousiasme niet. Leuk te merken.

Het tegenhouden van het vallen van de fiets maakt dat ik nu op de binnenkant van mijn linker onderbeen een blauwe-rode plek heb van zo’n 20-20cm. Deze kan de strijd net niet winnen van de plek op de buitenkant van mijn rechter onderbeen. Die plek liep ik al in Antwerpen op. Bij een wegopbreking probeerde ik voorzichtig de stoep af te gaan en meteen een bocht naar rechts te maken. Te voorzichtig zo bleek want het momentum was verloren en ik viel om. Een omvallen als in slow motion maar met niet minder blauwe plek als resultaat.

Na verlaten van de camping hebben we eerst brood en een vlinder te halen. Een vlinder is een van bladerdeeg gemaakt iets met veel roomboter en suiker. Heerlijk. Dat en een pain au raisin,…. Mmm
Maar goed, we vervolgen de véloroute Franchette voie verte voor 18 km over en langs een voormalig treintracé en op dit deel van de route stoppen we regelmatig.

Bij een van de bruggen waar we over fietsen zijn twee Nederlanders twee Fransen aan het leren hoe te abseilen. Op de rivier die onder de brug door stroomt zijn mensen aan het varen en met een fietsbootje onderweg.




 En dan stopt deze voie verte ineens en mogen we gaan klimmen en dalen. De 42 km die volgen hebben meer klimmen dan dalen en bij het klimmen daalt mijn teller naar 7-6-5-km/h terwijl bij het dalen mijn teller de 45km/h nauwelijks haalt. Deels omdat ik niet onderuit wil over het losse grint en dus de rem gebruik en deels omdat de dalingen te kort zijn om lekker hard te gaan en afstand te maken. Ongeveer halverwege dit stuk van de route komen we bij een toeristisch iets. Het blijkt een gorge te zijn. Schitterende rotspartijen en uitzichten. De foto doet geen goed aan wat werkelijk te zien was.






 Op een stijl stukje van zo’n 20procent is het goed te merken dat ik omhoog kan fietsen. Er moet ook een haakse bocht naar rechts gemaakt worden en daar gaat het fout. Een haakse bocht blijf ik lastig vinden op een ligfiets met bovenstuur (vroeger reed ik op een ligfiets met onderstuur en naar mijn idee ging dat beter). Mijn fiets wil naar rechts vallen, ik compenseer maar teveel dus van flop naar links. Mijn elleboog breekt de val en mijn onderbeen breekt de val voor mijn fiets. Mijn linker onderbeen loopt nu ruimschoots voor in het aantal blauwe plekken en ook het formaat van de blauwe plekken. Mijn elleboog is blauw maar niets aan mijn lijf is kapot. Goed dus. Ik baal wel dat ik gevallen ben, wil zo’n bocht gewoon kunnen maken.
Rob zit ondertussen bovenaan op een bankje te wachten met een fles cola. Een welkome ontvangst

Uiteindelijk komen we op een hoogte van 250m (we begonnen op 20m) en na een totaal van ongeveer 60 km, in de buurt van Flers, weer op een voie verte. Het lijkt weer een oud treintracé en is in elk geval vlak met een vals plat en het wegdek bestaat uit goed grind. Dit deel van de route is compleet omgeven door bomen en voor de overige bijna 25km fietsen we door een soort groene tunnel. Een roofvogel besluit om een stuk voor ons uit te vliegen totdat hij weer op een tak neer strijkt. Een mooi gezicht.


We eindigen op de camping municipal van Domfort. Een aardige campingdame die graag Engels wil spreken en dat ook prima doet, een rustige camping en vlakbij een grote winkel. Na deze eerste dag zonder regen en de verwachting van meer droge dagen besluiten we morgen te blijven.

Dag 9: 18-08-2019, van Équenauville naar Caumont sur Orne


De route grofweg: Équenauville – D279 langs het vliegveld – Deauville – Houlgate – Cabourg – bij Caen start Véloroute de Franchette die hier langs de rivier L‘Orne loopt.

Het heeft werkelijk de hele nacht geregend, of in elk geval op alle momenten dat mijn bewustzijn naar de oppervlakte kwam, en ook bij wakker worden regent het. De weersverwachting is dat dit aanhoudt tot begin van de middag en dat het dan droog wordt. Yes, mooi vooruitzicht voor deze dag en het werd nog waarheid ook.
Het wakker worden gaat gepaard met een koor van vogels. Mussen denk ik gezien de veelheid aan heggen op deze camping. Het klinkt in elk geval mooi.

De opstart is easy waarbij kletsend met de twee Nederlanders die gisteren aangekomen zijn. Twee leuke mannen. De een is vooral geïnteresseerd in de ligfietsen en het fietsen in Frankrijk, de ander maakt grapjes en wil duidelijk vooral de gezelligheid. Zelf zijn ze met de auto en gebruiken ze de twee fietsen die ze bij zich hebben om in de avond naar het dorp en een kroegje te kunnen. De twee mannen maken een mooie combi die een leuke start van de dag maakt.

De eerste kilometers klimmen we in nat weer, aangekomen bij Deauville is het droog, krijgen we de zee te zien en maak ik weer een foto van zee met lucht. Deauville is een stadje dat de naam Beauville zou mogen hebben. Alle gebouwen en huizen zijn mooi, de beplanting is mooi, het strand is groot en bijna geheel leeg (te koud?). Een stadje waar het best goed vertoeven zou kunnen zijn.
Vervolgens blijft de route dicht bij zee en zien Rob en ik meer zee dan we de afgelopen week blij elkaar gezien hebben. Word ik blij van:
 In Houlgate lunchen we met stokbrood en kaas op een muurtje aan de zee. Mooie plek maar steenkoud door de wind. We houden het dan ook niet lang uit en fietsen door.

Na Cabourgh kunnen we de overkant van het water, de Orne of zoals de Fransen zeggen L’Orne, zien waar Ouistreham ligt. Ouistreham is de plaats waar de Véloroute de Franchette begint, maar wij pikken de route iets verderop op. We volgen een pad langs de Orne tot een brug met de naam Pegasus die net omhoog gaat als we aankomen. Een enorm grote brug die open ging voor één bootje.
  



Na de brug pakken we de route op. De eerste 14km lopen langs het water, door Caen en het zijn 14km op een glad, breed fietspad dat op deze zondag door veel mensen gebruikt wordt. Van de stad zien we weinig. De route en het mooie fietspad vervolgt langs een niet meer in gebruik zijnd treintracé en met dit pad leggen we zo’n 45km af voor we er af gaan op zoek naar een camping.

We eindigen op een camping, een soort grote tuin bij een huis waar zes plaatsen zijn, een warme douche en schoon toilet. Het enige minpunt is een weg langs de camping waar veel auto’s rijden. De verwachting dat dit na 2200 stopt maakt dit een prima camping voor nu. We eindigen ook droog en met zon en geen wind, zitten op het gras, lezen en knutselen zo wat dingen die ieder wilde doen.
Het voelt als vakantie!

zaterdag 17 augustus 2019

Dag 8: 17-08-2019 van Paluel naar Équenauville, 100km


De route vandaag loopt grofweg van Paluel – Notre Dame de Gravechon – Honfleur – nr Équenauville

De ochtend begint met regen in een omgeving die grijs en mistig is. Ik zit de omgeving te bewonderen, zoveel mist, terwijl Rob water warm maakt en een bakkie leut (slappe cappuccino) maakt voor mij. De stoom boven mijn bakkie leut maakt het compleet.

De eerste 45km gaan deels over een fietspad (oud traintracee) en daarna over ruime boeren wegen. We leggen dit in een mooi tempo af, waarom zouden we rustig aan doen in dit weer. Aangekomen in Notre Dame de Gravechon doen we een boodschap en als we weer buiten staan is het droog en tijd voor de lunch op een bankje in het park voor de winkel. Een rustig park waar we op de route kijken en dan gezelschap krijgen van twee heren die niet geheel nuchter meer zijn en ons van alles willen vertellen over het mooie Rouen. Heel aardig maar niet waar ik en Rob op dat moment heel veel behoefte aan hebben.
Om het stadje uit te kunnen en de route te volgen moeten we over het terrein van ExxonMobil. Er staat een groot bord dat aangeeft dat het verboden is voor fietsers en een meter daarna begint een fietspad. Het zal dan toch wel mogen. Indrukwekkend blijf het om tussen de enorme opslagtanks door te rijden en ook …. ik weet niet goed het woord voor alle vreemde luchtjes die onze neuzen binnen komen.
Met de pont de Seine over en dan komen we al snel in een gebied waardoor ik denk aan het landgoed van de hobbits in ‘Lord of the Rings’. Hier zijn routebordjes waarvan we ons in eerste instantie afvragen wat het betekent, pas als we dichterbij gekomen zijn herkennen we de afbeelding als passend bij de daken van de huizen.
De verzorgde omgeving, de diverse fruitbomen, de mooie huizen, de tuinen die we zien hebben grote tafels met veel stoelen en bij de meeste zit een grote groep te eten. Het geheel heeft iets van een eigen karakter. Hierbij speelt zeker mee dat de huizen die een rieten dak hebben op de punt van het dak plantjes hebben. Soms lijken het uitgebloeide tulpen, soms varens.









Het gebied was eerder een stuk waar de Seine liep, nu is alles ingepolderd.

Om dit gebied uit te kunnen hebben we twee keuzes. De route loopt naar boven, een weg van 8-9 procent en goed te doen. Later komen we op een stuk dat al snel 12 procent is. Deze stijgingen zijn op deze route niet ongewoon en ook de slechte kwaliteit van wegen die de planner van de kanalenroute niet schuwt zijn niet ongewoon. Met het stuk dat vandaag op de route zit is het te erg en we stoppen er mee en gaan over een grotere weg verder.




Aangekomen in Honfleur is het eerste wat we zien een groot reuzenrad, het tweede wat we zien een zee van campers (echt wel 100) en het derde wat we zien een massa aan toeristen. Manoeuvreren tussen de mensen terwijl we fietsen over grote kasseien is een uitdaging. We komen er door en vervolgen onze weg nog een paar km naar de plek waar een camping is. We hebben gekozen voor deze kleine plaats in de hoop dat het weg is van alle toeristen. Waar we komen ….
Een echt enorme toeristische camping waar ze alles hebben wat we niet nodig hebben en waar we ontvangen worden door een zakelijke en een niet communicatieve receptionist en het volume dat geproduceerd wordt door een man in een soort golfkarretje die kinderen komt ophalen bij de ingang om een rondje over de camping te rijden.
Jippiedepippie!
En hier mogen we 31 euro voor betalen en moeten we voor 10.00 weg zijn).
We hebben het vandaag niet in ons om nog 20-30km door te rijden naar de volgende.

We eten voor de tent, kletsen wat met de aardige Belgische buurmeisjes, ik probeer een blog te schrijven en online te zetten maar voor dat gelukt is van de afgelopen dagen regent het weer. Vlug richting tent waar de wifi het niet doet (had ik anders verwacht op deze camping).

Dag 7: 16-08-2019 van Le Treport naar Paluel, 85km.



Gedurende de nacht zijn we niet meer zo blij met de campingplek door het verstorende gekakel van de meeuwen dat de hele nacht door gaat, de verstoring door de radio van een van de kampeerders die een of ander Frans praat programma ten gehore brengt en ergens in de nacht stopt maar voor 0800 uur al weer start en twee Fransen (echtpaar?) die al vroeg tegen elkaar begint te praten alsof ze ruzie hebben. Ik wordt brak wakker.


De route loopt van Le Treport naar Dieppe naar St Valery waar wij afslaan naar een camping in Paluel. Ik weet niet goed wat te zeggen van de route van vandaag. We hebben een paar maal de moeite genomen om naar de zee te fietsen. De route loopt nauwelijks langs de zee, iets wat ik juist wel hoopte en wat voor mij een reden was deze route te gaan doen. Rond Dieppe zijn er mooie uitzichten op de rotsen, indrukwekkende uitzichten, en kwamen we een mooi kerkje tegen.






Als we Dieppe uit rijden zien we veel mooie huizen. Mooi door de riante tuinen, door de ligging (soms hoog boven de rotsen boven zee) maar zeker ook mooi door het metselwerk dat gebruikt is en soms de kunstige daken. In deze omgeving zien we ook veel vakwerkhuizen.

Verder vandaag: een start waarbij zelfs blauw, de hele dag wind, na de lunch opkomende bewolking en aan het einde van middag middag regen. Vandaag was niet de eerste dag dat we al vroeg windmolens zien die hun kop in dezelfde richting hebben als dat wij fietsen. Hoe mooi ik windmolens ook vind, dat uitzicht van allemaal de koppen in onze fietsrichting, vind ik niet opbeurend.
Ik vond het een zware dag, waarschijnlijk door de nacht die alles behalve prettig was.

De camping heeft een verwarmd zwembad, heerlijk om even te zwemmen en andere spieren te voelen voor ik warm douche en alle kleren aan trek die ik bij fietsen niet gebruik.
Van onze Nederlandse buren mogen we een soort waslijn op pootjes lenen die we in het washok kunnen zetten. Ik hoop op droge kleren morgen.

Het delen van fietsverhalen brengt nieuwe suggesties en ideeën. Zo hebben we in Ieper gesproken met een Belgische fietser die vertelde over de route Velo de Franchette. Na zes dagen wind hebben we besloten deze op te gaan pakken als we in Ouistreham aankomen, dit ligt in de buurt van Caen.